In het kort: zo bepaalt u het achtererfgebied
Gebruik een actuele plattegrond van de woning en het perceel. Werk daarna in deze volgorde:
- Bepaal het hoofdgebouw en de voorkant. Bij een woning is het hoofdgebouw meestal de woning met de ruimten die bij de woonfunctie horen.
- Zet een denkbeeldige lijn één meter achter de voorkant. Deze lijn loopt door het hoofdgebouw.
- Bekijk wat aan de zijkant openbaar toegankelijk is. Dat bepaalt hoe de lijn vanaf het hoofdgebouw verder loopt.
- Controleer het adres. Bekijk het actuele omgevingsplan, doe de Vergunningcheck en toets daarna ook de overige ruimtelijke en technische voorwaarden.
Deze stappen helpen u de grens te begrijpen. Ze geven nog geen vergunninggarantie voor een aanbouw, garage, schuur of ander bijbehorend bouwwerk.
Waarom is het achtererfgebied belangrijk?
Voor bepaalde bijbehorende bouwwerken is de ligging in het achtererfgebied een voorwaarde om voor het ruimtelijke deel vergunningvrij te kunnen zijn. Een bijbehorend bouwwerk is bijvoorbeeld een aanbouw, garage, schuur of carport die bij de woning hoort.
De ligging alleen is niet genoeg. Ook afstand, hoogte, gebruik, bestaande bebouwing en lokale regels kunnen bepalend zijn. In het artikel over de regels voor vergunningvrij aanbouwen leest u hoe die andere voorwaarden samenhangen. Dit artikel blijft bewust bij de eerste vraag: waar ligt de grens van het achtererfgebied?
Stap 1: bepaal het hoofdgebouw en de voorkant
Begin bij het belangrijkste gebouw op het perceel. Bij een woonperceel is dat normaal de woning met de ruimten die bij het wonen horen, zoals de woonkamer, keuken, slaapkamers en een inpandige bergruimte. In de officiële regels heet dit het hoofdgebouw.
Een aangebouwde garage of berging hoort niet automatisch bij het hoofdgebouw. Is zo'n ruimte vooral ondersteunend aan het wonen en bouwkundig te onderscheiden, dan kan zij erbuiten vallen. Is de ruimte volledig in de woning geïntegreerd en bouwkundig niet te onderscheiden, dan kan de beoordeling anders zijn.
Bepaal daarna de voorkant. Een kleine erker of ondergeschikte uitbouw aan de voor- of zijgevel bepaalt volgens de landelijke uitleg niet vanzelf een nieuwe voorkant. Bij twijfel zijn de oorspronkelijke en actuele tekeningen, de oriëntatie op de openbare ruimte en de regels voor het adres nodig.
Stap 2: zet de lijn één meter achter de voorkant
De basislijn voor het achtererfgebied loopt door het hoofdgebouw op één meter achter de voorkant. Het gebouwerf achter die lijn kan tot het achtererfgebied behoren. De grond recht achter het hoofdgebouw, tussen het verlengde van de zijgevels, is daarbij altijd achtererfgebied.
Bij een gewone tussenwoning zonder openbaar toegankelijke zijtuin is dit meestal overzichtelijk: de achtertuin ligt achter de woning. Toch blijft een actuele plattegrond belangrijk. De juridische lijn volgt niet simpelweg een makelaarsfoto, de kadastrale achtergrens of wat dagelijks als “de achtertuin” wordt gebruikt.
Stap 3: kijk naar openbaar toegankelijk gebied
Vanaf het hoofdgebouw hangt het verloop van de lijn samen met aangrenzend openbaar toegankelijk gebied. Dat is in gewone taal grond of water dat algemeen voor publiek toegankelijk is. De officiële omschrijving noemt onder meer openbare wegen en paden, pleinen, parken, plantsoenen en openbaar vaarwater. Er bestaan uitzonderingen en grensgevallen.
Grenst het erf aan openbaar toegankelijk gebied, dan loopt de lijn vanaf de zijkant van het hoofdgebouw volgens de officiële methode evenwijdig aan dat gebied. De lijn mag het hoofdgebouw niet opnieuw doorkruisen en mag ook niet door het erf direct achter het hoofdgebouw lopen. Grenst de zijkant niet aan openbaar toegankelijk gebied, dan kan de lijn doorlopen naar de perceelsgrens met het naastgelegen perceel.
Kijk daarom niet alleen naar eigendom. De feitelijke en juridische functie van een weg, pad, groenstrook of water kan van invloed zijn. Bij een onduidelijke situatie is een controle bij de gemeente verstandiger dan een aanname op basis van de kaart alleen.

Hoe werkt dit bij een hoekwoning?
Bij een hoekwoning kan de zijtuin aan een straat, openbaar pad of andere openbare ruimte grenzen. Daardoor is niet iedere strook naast de woning automatisch achtererfgebied. U begint nog steeds met de voorkant en de lijn één meter daarachter, maar moet daarna zorgvuldig bepalen hoe de lijn langs de openbare zijde verderloopt.
De vorm van het perceel, de positie van de woning en de openbare ruimte verschillen per hoek. Soms loopt de lijn evenwijdig aan het openbare gebied. In een andere hoeksituatie moet zij langs de zijgevel en het verlengde daarvan naar achteren lopen om te voorkomen dat zij het hoofdgebouw of het erf direct daarachter doorkruist. Daarom bestaat er geen veilige universele hoekwoningtekening voor ieder adres.
Wat verandert bij een onregelmatig perceel of verspringende woning?
Bij een schuine perceelsgrens, een verspringende gevel of meerdere bouwdelen kan de denkbeeldige lijn een knik krijgen. Ook een latere uitbreiding kan van belang zijn voor de actuele omvang van het hoofdgebouw. Een rechthoek over een luchtfoto tekenen is dan niet voldoende.
Breng eerst de bestaande situatie betrouwbaar in beeld. Zijn tekeningen oud, onvolledig of niet schaalvast, dan kan bouwkundig tekenwerk van de bestaande situatie nodig zijn. Daarmee kan de lijn op een controleerbare plattegrond worden beoordeeld, zonder uit een schets direct een juridische conclusie te trekken.
Achtererfgebied en bebouwingsgebied zijn niet hetzelfde
Het achtererfgebied helpt bepalen waar bepaalde bijbehorende bouwwerken ruimtelijk vergunningvrij kunnen staan. Het bebouwingsgebied is het deel dat onder de toepasselijke regels wordt gebruikt om te berekenen hoeveel oppervlakte met bijbehorende bouwwerken mag zijn bebouwd.
Volgens de officiële begripsomschrijving bestaat het bebouwingsgebied uit het achtererfgebied plus de grond onder het hoofdgebouw, behalve de grond onder het oorspronkelijke hoofdgebouw. Latere uitbreidingen kunnen dus wel meetellen in het bebouwingsgebied. De volledige oppervlaktestaffel en bestaande bebouwing behandelen we hier niet opnieuw; die vindt u bij vergunningvrij aanbouwen.
Hoofdgebouw en oorspronkelijk hoofdgebouw: welk begrip gebruikt u wanneer?
Voor het intekenen van het achtererfgebied is volgens het actuele IPLO-stappenplan de actuele omvang van het hoofdgebouw bepalend. U kijkt dus naar de situatie op het moment waarop u wilt bouwen.
Het oorspronkelijk hoofdgebouw beantwoordt een andere vraag. Dit is kort gezegd het hoofdgebouw zoals het oorspronkelijk volgens de verleende vergunning is gebouwd en opgeleverd. Dit begrip speelt onder meer een rol bij het bebouwingsgebied en bij bepaalde afstands-, hoogte- en gebruiksregels. Een latere aanbouw verschuift die oorspronkelijke uitgangssituatie niet automatisch.
Gebruik de begrippen daarom niet door elkaar: actueel hoofdgebouw voor de ligging van het achtererfgebied, en oorspronkelijk hoofdgebouw waar de specifieke berekenings- of afstandsregel daarna om vraagt.
Controleer altijd de actuele regels voor uw adres
De landelijke standaardregels uit de bruidsschat maken deel uit van het tijdelijke omgevingsplan. Gemeenten kunnen die regels aanpassen. Daardoor kan een algemene uitleg niet bevestigen wat op één concreet perceel is toegestaan.
Doe daarom de Vergunningcheck in het Omgevingsloket en bekijk bij Regels op de kaart welke regels op uw locatie gelden. De check helpt bepalen of een vergunning, melding of informatie nodig is. Twijfelt u over de uitkomst of de ligging van de lijn, vraag dan de gemeente om duidelijkheid.
Blijkt een vergunning nodig, dan kan SBO helpen bij het voorbereiden van een omgevingsvergunning. Wilt u eerst weten welke documenten daarbij horen, bekijk dan welke bouwtekeningen voor een omgevingsvergunning nodig zijn.
PROJECT IN DE PRAKTIJK
Vergunningsvrije uitbouw Hollandse Rading
Voor een woning in Hollandse Rading leverden opdrachtgever en aannemer een schets aan. SBO vertaalde deze naar een technische uitwerking en verwerkte de aanpassingen waarmee het plan als vergunningsvrije uitbouw verder kon worden uitgewerkt. De openbare projectinformatie noemt circa 25 m² extra woonruimte.
De case laat vooral zien dat een eerste plan kan veranderen wanneer vergunningregels en technische uitwerking samen worden bekeken. De openbare projectinformatie geeft geen basis om de exacte achtererfgrens of de projectspecifieke beoordeling van de gemeente hieruit af te leiden. Ook leiden we er niet uit af welke afzonderlijke regel de uitbouw vergunningvrij maakte.
Welke informatie helpt bij een projectspecifieke beoordeling?
Wilt u de ligging op uw eigen perceel laten beoordelen? Verzamel dan bij voorkeur:
- het volledige adres;
- een actuele situatietekening of kadastrale onderlegger;
- bestaande plattegronden, gevels en doorsneden;
- informatie over latere aanbouwen, garages of bergingen;
- foto's van de voor-, zij- en achterkant van de woning;
- een schets met de gewenste plaats en hoofdafmetingen;
- bekende vergunningen of oude bouwtekeningen.
Voor een aanbouw of uitbouw wordt daarna niet alleen naar het erf gekeken. Ook de bestaande woning, maatvoering, constructie en gewenste uitvoering moeten op elkaar aansluiten. Op de pagina over vergunningsvrij bouwen leest u hoe SBO zo'n plan praktisch beoordeelt.
UW PERCEEL
Wilt u weten waar u op uw perceel kunt bouwen?
Stuur uw adres, beschikbare tekeningen en een schets van uw plan. We bekijken welke informatie nodig is om de bestaande situatie, de ligging op het perceel en de mogelijke vergunningroute zorgvuldig te beoordelen.
FAQ
Veelgestelde vragen
Wat is het achtererfgebied?
Het achtererfgebied is het deel van het gebouwerf achter een juridisch bepaalde lijn door en langs het hoofdgebouw. In een eenvoudige situatie ligt dit vooral achter de woning. Bij een zijtuin, hoekwoning of openbaar gebied naast het perceel kan de grens anders lopen. Het begrip bepaalt waar bepaalde bijbehorende bouwwerken ruimtelijk vergunningvrij kunnen zijn, maar geeft nog geen volledige vergunningvrije uitkomst.
Waar begint het achtererfgebied bij een woning?
De basislijn loopt door het hoofdgebouw op één meter achter de voorkant. Vanaf daar volgt de lijn de regels voor aangrenzend openbaar toegankelijk gebied. Het erf tussen het verlengde van de zijgevels achter het hoofdgebouw is altijd achtererfgebied. De precieze grens moet op de actuele woning- en perceelsituatie worden getekend.
Hoort de zijtuin bij het achtererfgebied?
Dat kan, maar niet iedere zijtuin telt automatisch volledig mee. Van belang is onder meer of de zijtuin grenst aan openbaar toegankelijk gebied en hoe de lijn vanaf het hoofdgebouw moet lopen. Bij een woning zonder openbaar gebied langs de zijkant kan de uitkomst anders zijn dan bij een hoekwoning aan een straat of openbaar pad.
Hoe bepaalt u het achtererfgebied bij een hoekwoning?
Bij een hoekwoning kijkt u naast de voorkant van het hoofdgebouw ook naar het openbaar toegankelijke gebied langs de zijkant. De lijn mag het hoofdgebouw niet opnieuw doorkruisen en mag niet door het erf direct achter het hoofdgebouw lopen. Omdat hoekpercelen sterk verschillen, is een tekening van de feitelijke situatie en een controle van de actuele lokale regels verstandig.
Wat geldt als openbaar toegankelijk gebied?
Daaronder vallen volgens de officiële begripsomschrijving onder meer openbare wegen en paden, pleinen, parken, plantsoenen, openbaar vaarwater en ander gebied dat algemeen voor publiek toegankelijk is. Er bestaan uitzonderingen en grensgevallen. Beoordeel daarom niet alleen wie eigenaar is, maar ook de functie en toegankelijkheid van de grond of het water.
Wat is het verschil tussen achtererfgebied en bebouwingsgebied?
Het achtererfgebied helpt bepalen waar bijbehorende bouwwerken onder de toepasselijke ruimtelijke regels kunnen staan. Het bebouwingsgebied wordt gebruikt bij de berekening hoeveel oppervlakte met bijbehorende bouwwerken mag zijn bebouwd. Het bestaat uit het achtererfgebied plus grond onder latere uitbreidingen van het hoofdgebouw, maar niet de grond onder het oorspronkelijke hoofdgebouw.
Gebruik ik het hoofdgebouw of het oorspronkelijk hoofdgebouw?
Dat hangt af van de vraag. Voor de ligging van het achtererfgebied is de actuele omvang van het hoofdgebouw van belang. Het oorspronkelijk hoofdgebouw speelt een andere rol bij onder meer de berekening van het bebouwingsgebied en bepaalde afstands-, hoogte- en gebruiksregels. Gebruik deze begrippen daarom niet als synoniemen.
Weet ik na het intekenen zeker dat ik vergunningvrij mag bouwen?
Nee. Het achtererfgebied is maar één onderdeel van de beoordeling. Ook de omvang, hoogte, afstand tot openbaar toegankelijk gebied, het gebruik, technische bouwregels en het actuele omgevingsplan kunnen bepalend zijn. Doe voor uw adres de Vergunningcheck en bekijk Regels op de kaart. Neem bij twijfel contact op met de gemeente of laat het plan beoordelen.
